Daniel S. Donelson
| Daniel Smith Donelson | ||
|---|---|---|
Portret door George Dury, circa 1850 | ||
| Geboren | 23 juni 1801 Sumner County, Tennessee | |
| Overleden | 17 april 1863 Knoxville, Tennessee | |
| Rustplaats | Presbyterian Cemetery, Hendersonville, Tennessee | |
| Land/zijde | ||
| Onderdeel | ||
| Dienstjaren | 1825-1826 (USA) 1861-1865 (CSA) | |
| Rang | ||
| Slagen/oorlogen | Amerikaanse Burgeroorlog | |
Daniel Smith Donelson (Sumner County, 23 juni 1801 – Knoxville, 17 april 1863) was een Amerikaans plantagehouder, politicus en militair. Fort Donelson werd naar hem vernoemd. Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog diende hij in militie van Tennessee en het Confederate States Army. Hij werd bevorderd tot generaal-majoor maar was ondertussen al overleden aan de gevolgen van chronische diarree.
Vroege jaren
[bewerken | brontekst bewerken]Daniel S. Donelson werd geboren op 23 juni 1801 in Sumner County, Tennessee.[1][2] Hij was de jongste van drie zonen van Samuel Donelson en Mary "Polly" Smith. Zijn vader overleed toen Daniel ongeveer vijf jaar oud was. Zijn moeder huwde opnieuw. Daniel en zijn twee broers werden opgevoed door hun tante, Rachel Donelson Jackson en haar man Andrew Jackson die later president van de Verenigde Staten werd.
Zijn oudere broer, Andrew J. Donelson zou tijdens het presidentschap van Andrew Jackson optreden als zijn prive-secrataris en zou in 1856 kandidaat zijn voor het vice-presidentschap.
In 1821 werd Donelson toegelaten tot de United States Military Academy in West Point. Hij studeerde af in 1825 en werd benoemd tot tweede luitenant. Op 22 januari 1826 nam hij ontslag uit het United States Army.[1] Hij vestigde zich als plantagehouder in Sumner County, Tennessee.[1] Hij werd lid van de lokale militie en werd in 1827 benoemd tot majoor. Twee jaar later bekleedde hij de rang van brigadegeneraal.[1]
Donelson nam in 1834 ontslag uit de militie en verhuisde naar Florida. Na een verblijf van twee jaar keerde hij terug naar zijn thuisstaat. Ondertussen was hij in het huwelijk getreden met Margaret. Het koppel kreeg tien kinderen, namelijk Mary, Sarah, Emily, Rebecca, Samuel, Martha, James, Susan, John B. en Daniel.[3][4]
Het gezin woonde initieel in het Daniel Smith Donelson House en later in Hazel Path. Beide residenties lagen in Hendersonville, Tennessee.[5][6] In 1841 werd Donelson verkozen om te zetelen in het Tennessee House of Representatives. Hij zetelde een termijn. Tien jaar later werd hij opnieuw verkozen en zetelde tussen 1855 en 1861. Hij trad tussen 1859 en 1861 op als voorzitter van het parlement.[1]
Amerikaanse Burgeroorlog
[bewerken | brontekst bewerken]
Na het uitbreken van de Amerikaanse Burgeroorlog nam Donelson ontslag uit zijn functie als voorzitter van het parlement en nam hij opnieuw dienst in de militie. Hij kreeg zijn oude rang van brigadegeneraal terug. In deze functie was hij verantwoordelijk voor de locaties van Fort Henry en Fort Donelson, die naar hem vernoemd werd.[1][2] Fort Henry was slecht gelegen, stond regelmatig onder water en zou gemakkelijk ingenomen worden door de Noordelijken onder brigadegeneraal Ulysses S. Grant.
Op 9 juli 1861 werd Donelson benoemd tot brigadegeneraal in het Confederate States Army. Hij diende in verschillende veldtochten zoals die van Robert E. Lee in westelijke Virginia die zou uitmonden in de Slag bij Rich Mountain en voerde een brigade aan onder generaal Braxton Bragg in Perryville en Stones River. Donelson diende enige tijd in Charleston, South Carolina. Eind 1862 en in 1863 was hij bevelhebber van het Department of East Tennessee.[1][2]
Op 5 maart 1863 werd Donelson bevorderd tot generaal-majoor met terugwerkende kracht vanaf 17 januari. Op 22 april 1863 keurde de Zuidelijke senaat deze promotie goed. Daniel Smith Donelson overleed echter op 17 april aan de gevolgen van chronische diaree na het drinken van besmet water van de Montvale Springs niet ver van Knoxville, Tennessee.[1][2] Donelson werd begraven op het Presbyterian Cemetery in Hendersonville, Tennessee.[1][2][7]
Zie ook
[bewerken | brontekst bewerken]Lijst van generaals in de Amerikaanse Burgeroorlog (Confederatie)
Voetnoten
- 1 2 3 4 5 6 7 8 9 Warner, Ezra J. Generals in Gray: Lives of the Confederate Commanders. p. 74-75.
- 1 2 3 4 5 Sifakis, Stewart. Who Was Who in the Civil War. New York: Facts On File, 1988. p. 186-187.
- ↑ Ancestry.com. 1850 United States Federal Census [database on-line]. Provo, UT, USA: Ancestry.com Operations, Inc., 2009. Images reproduced by FamilySearch. Original data: Seventh Census of the United States, 1850; (National Archives Microfilm Publication M432, 1009 rolls); Records of the Bureau of the Census, Record Group 29; National Archives, Washington, D.C.
- ↑ Ancestry.com. 1860 United States Federal Census [database on-line]. Provo, UT, USA: Ancestry.com Operations, Inc., 2009. Images reproduced by FamilySearch. Original data: 1860 U.S. census, population schedule. NARA microfilm publication M653, 1,438 rolls. Washington, D.C.: National Archives and Records Administration, n.d.
- ↑ National Register of Historic Places Inventory--Nomination Form: Daniel Smith Donelson House. National Park Service. United States Department of the Interior. Geraadpleegd op March 31, 2018.
- ↑ National Register of Historic Places Inventory--Nomination Form: Hazel Path. National Park Service. Geraadpleegd op 30 augustus 2026.
- ↑ Eicher, p. 212.
Bronnen
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Daniel Smith Donelson op de Engelstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- Eicher, John H., and David J. Eicher, Civil War High Commands. Stanford: Stanford University Press, 2001. ISBN 978-0-8047-3641-1.
- Sifakis, Stewart. Who Was Who in the Civil War. New York: Facts On File, 1988. ISBN 978-0-8160-1055-4.
- Warner, Ezra J. Generals in Gray: Lives of the Confederate Commanders. Baton Rouge: Louisiana State University Press, 1959. ISBN 978-0-8071-0823-9.