Naar inhoud springen

omhooggaan

Uit WikiWoordenboek
  • om·hoog·gaan
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
omhooggaan
ging omhoog
omhooggegaan
klasse 7 volledig

omhooggaan

  1. ergatief naar boven gaan
    • Het rolluik ging ineens omhoog. 
    ▸ Maar om te zorgen dat de boog niet instortte in de harde wind moest je een vakwerk van hout en planken bouwen dat vanaf de bodem van het dal omhoogging — er waren enorme hoeveelheden hout nodig om de ondersteuning sterk genoeg te maken.[1]
  1. ↑
    Jan Guillou (vert. Bart Kraamer)
    “Kop in het zand” (2015), Uitgeverij Prometheus op Wikipedia, ISBN 9789044628142